Rowwen Hèze tjdens hun optreden in het Paleis op de Dam.


De uitreiking van de Zilveren Anjer door Hare Majesteit Koningin Beatrix op 24 juni 2005, mag genoemd worden als het meest bijzondere Peelverhaal. Wat mij het meest getroffen heeft is de bijzonder gemoedelijke sfeer en de gastvrijheid die mij en mijn familie en vrienden ten deel vielen. In de zestig jaar van het bestaan van de Zilveren Anjer werden hier negenenvijftig keren Zilveren Anjers opgespeld door Prins Bernhard. Wij waren drie uren te gast in dit Koninklijk Paleis en mochten hier vele laureaten van voorgaande jaren ontmoeten. Het was een hele belevenis. De overweldigende schoonheid en de bijzonderheid van de historie van dit paleis drong pas nu tot mij door. Vandaar deze nabeschouwing.

Na het officiele gedeelte was er nog een informeel samenzijn.

De laureaten en hun partners worden begeleid naar de Burgemeesterskamer. Voorzitter, Eelco Brinkman stelt de laureaten voor aan koningin Beatrix, waarna een gezellig samenzijn plaats vindt. Van de ceremoniemeester kreeg ik toestemming om koningin Beatrix mijn tweede boek, met een tekst die ik in dit boek had opgetekend, te overhandigen. (zie publicaties)


Ruim veertig familieleden en vrienden vertrokken in de vroege morgen met een touringcar naar het Koninklijk Paleis in Amsterdam.


Laudatio,
Uitgesproken door mevr. Esmeijer, directeur van het Prins Bernhard Cultuur-fonds":

"Hooggeachte heer Janssen,
Vele eeuwen lang was de Peel een grotendeels verlaten, bijna angstaanjagend gebied. Op de plekken waar geen reuzen of aardmannekes woonden, zweefden wel spoken boven het moeras. In dat land van turfstekers en herders werden pas in de negentiende eeuw de eerste vaarten gegraven en het duurde tot 1891 voor de Heidemaatschappij de eerste ploegvoren trok om de woeste gronden in cultuur te brengen. Daarmee begon de ontsluiting van dit lege land van 1600 vierkante kilometer. Niet minder dan negenenzestig dorpen zijn sindsdien gesticht. Een oeroude landstreek bliksemde de nieuwe tijd binnen, eeuwige armoelijders kwamen in drie generaties tot welvaart.

Zo'n snel proces kan het hele verleden wegmaaien, kan mensen ontwortelen, kan de natuur te gronde richten. Ik noem alleen de bio-industrie. Als iemand zijn streek liefheeft en harmonisch de nieuwe tijd wil binnenleiden, zal de intensieve varkensfokkerij minstens evenzeer beslag op zijn geest leggen als de folklore. Hier grijpen cultuurbehoud en natuurbescherming ineen. En op dat kruispunt van karrenspoor en snelweg, van oud en nieuw, behoort u tot de redders van de Peel. Tijdens uw tochten van Staatsbosbeheer raakte u vertrouwd met de weerwolf en met de afwatering, met de bedevaarten en de voordelen van de Veluwse landgeit, met de orale geschiedenis en de ruilverkaveling. Hoe zette u die kennis in? U koos twee sporen. Het eerste was beïnvloeding van autoriteiten. Beroemd werd uw vraag aan de minister van Landbouw, begin jaren tachtig: 'Weet de minister hoeveel varkens hier per hectare wonen"?. De minister wist het niet, was er wel benieuwd naar, en achteraf is met die vraag de bestrijding van ammoniakemissies ingeleid. Meestal vroeg u overigens niets, u begon met de antwoorden. Het tweede spoor was het animeren van de bevolking. De verscheidenheid van onze regio's blijft alleen behouden als in de bevolking de achtergronden van die verscheidenheid leven. U hebt dat draagvlak deels gevonden, deels veroverd, via ontelbare lezingen, rondleidingen en publicaties. In het bijzonder noem ik de twee indrukwekkende albums, er is een derde van op komst, waarin u heden en verleden van de streek samenvat. En tegenwoordig spreekt u ook veel voor toeristen, zoals bezoekers van het natuurpark De Groote Peel. Dit alles was onmogelijk geweest zonder de steun van velen, en het moet ook door velen worden voortgezet. De Zilveren Anjer komt u toe, maar het motto ervan: "TUA RES AGITUR", "HET GAAT OOK U AAN", geldt voor alle bewoners van de oude en zo krachtig verjongde Peel".

 

                    ROWWEN HÈZE

In deze Burgerzaal zwaaiden vele groten onder de dirigenten met hun dirigeerstokje en vulden deze zaal met hemelse klanken. Het gezelschap van Rowwen Hèze uit America, mag trots zijn dat zij hier voor koningin en vaderlanders hun speelse Peelse klanken mochten strooien met “De Piël in brand” en “Ode aan Helenaveen”. Wat door de band gevreesd werd bleef uit. Er was geen sprake van nagalm in deze zaal.
Wat bleek! Een koningin, vier laureaten en driehonderd gasten gaven een applaus dat vele malen meer nagalmde.

Zanger en frontman van Rowwèn Heze, Jack Poels in een "onderonsje" met koningin Beatrix.


Theo Janssen en Rowwen Hèze.


 

Dochter Marianne over Theo na de uitreiking van de Zilveren Anjer

Theo Janssen tijdens een interview van L1 met verslaggever Ruud Stikkelbroeck en cameraman Sander Selen.

Interview van L1 met Theo Janssen.


Door het mooie weer was het terras nabij het paleis al snel gevuld.



GRONDEN VAN VERLENING.
DE HEER TH.W. JANSSEN

Uitgesproken door mevrouw M.H.D. Nillesen, secretaris van het Prins Bernhard Cultuurfonds: "In de dertig jaren dat Theo Janssen bij Staatsbosbeheer werkte, maakte hij zich een overstelpende kennis eigen van de Peel. Die kennis betrof geologie, geschiedenis, natuur, volkskunde en moderne ontwikkelingen. Met die kennis en zijn streekliefde heeft hij deze ontwikkelingen beïnvloed. Delen van de Peel bleven behouden, andere delen kregen een tweede kans. Hij was en is voortdurend bezig te
bemiddelen tussen landschap, bevolking en bestuurders. Door zijn eigen gedrevenheid en enthousiasme heeft hij zijn kennis toegepast tot welzijn en glorie van zijn streek."